Meegesleurd…

Standaard

… in een stroom van woorden vergat ik heel de wereld rondom mij. Met mijn neus tussen de pagina’s dronken mijn ogen de letters in. Mijn brein probeerde te verwerken wat er stond, en begreep er niets van. Iets dieper roerde zich, dat deel voelde zich aangesproken. En eens de deur open, was er geen houden aan. Ik moest en zou dit verder onderzoeken.

Pareltjes van wijsheid lieten me een andere zienswijze ontdekken. Al heel vroeg in mijn leven had ik het gevoel dat er iets ontbrak. Er moest meer zijn dan dit. Een diploma zou me geven wat ik zocht. Nee, toch niet. Zelfs een tweede en een derde deden het niet. Een goei job dan? Nee, nog steeds dat gevoel. De man van mijn leven? Nee, zelfs die kon dat gevoel maar voor een tijdje wegnemen en toen hij besloot er een punt achter te zetten kwam het in alle hevigheid terug. Een ander land? Qigong? Ja, nee, soms… Ik ging het in al de verkeerde plaatsen zoeken. Ik ging het zoeken buiten mezelf, in een rol, in een persoon, in bezittingen, in de toekomst. De enige plaats waar ik niet keek was hier en nu. In mezelf.

En dan kom je diezelfde ervaring tegen in een boek, weliswaar in een andere taal maar in praktisch dezelfde bewoordingen dan dat ik ze hier neerschrijf. Geschreven door een persoon die wereldwijd duizenden mensen aantrekt met zijn spirituele voordrachten. Niet moeilijk dat het schrijven over mijn 5de Qigong retreat in Bali (dat trouwens weer leerrijk geweest is) er niet van gekomen is. Tussen de normale routine was er nu enkel tijd om de diepere betekenis van de woorden, hetgene naar waar ze wezen, tot me laten door te dringen. Woorden die me lieten zien dat het niet uitmaakt wat je doet, maar met welke intentie je het doet. Zit er dat zoeken naar iets meer achter? Naar iets beter? Doe je dingen omdat je wat je nu hebt, voelt, doormaakt, niet okay is? Woorden die me lieten zien dat er helemaal niets ontbreekt, dat het er allemaal al is, zelfs het niet-okay-zijn ontbreekt niet! Het leven wil perfect in evenwicht zijn, het wil mooi en lelijk, niet het ene of het andere. Het wil alles omdat het alles is. En jij bent één met het leven… Dat mooie/lelijke leven dat me bracht tot in een ligstoel op de luchthaven in Bali… en dat het bewijs daarvan, hieronder nu met jullie deelt. 🙂

Ik wil graag eindigen met een vertaling van een stukje dat me raakte en dat de essentie weergeeft van waar het om gaat…

Elke gedachte, geluid, geur, sensatie, gevoel dat ontstaat in de oceaan die jij bent, fluistert zachtjes: “Aub, loop niet weg van mij, hoe pijnlijk of intens ik nu ook lijk te zijn. Vertrouw me, ik ben ook de oceaan. Ik neem nu deze vorm aan, ik hoor hier thuis hoewel dat niet zo duidelijk is. Maak je geen zorgen, je hoeft me niet te accepteren, ik ben al binnen. En maak je geen zorgen, je kan me niet afwijzen, ik ben al binnen. Heb je het gemerkt? Ben je bereid om verder te gaan dan alle ideeën over jezelf, alle verhalen over jouw verleden en jouw toekomst, en eenvoudig te erkennen dat ik al binnen ben, dat ik al geaccepteerd ben? Kan je erkennen dat wie je echt bent groot genoeg is om alles van het leven te omvatten? Het goede en het slechte?”

Voor degenen die het boek willen lezen: The Deepest Acceptance van Jeff Foster. Vertaald in het Nederlands als Onvoorwaardelijke Acceptatie

Groetjes en tot de volgende keer!
Ils

“The love we seek is everywhere, but our eyes are closed to it, because we are looking for it”

 

Trouwfeest en Qigong in Siem Reap

Standaard

Na het Japans avontuur was ik heel blij om de vroege ochtendwarmte op mijn gezicht te voelen toen ik het vliegtuig uitstapte in Siem Reap. Wat een zaligheid. Ogen dicht en de warmte indrinken. Aangekomen in het vertrouwde Green Leaf Boutique hotel waar ik na een deugddoend ontbijt op de ligstoel in slaap ben gevallen. Wat wil je na een nachtje doordoen in de luchthaven van KL? 🙂 Ginger (de kat) vond het niet erg, die is er maar bij komen liggen.

Acclimatiseren, de was doen, de laptop wat op orde stellen, wat administratie doen en de zon aanbidden (5 minuutjes en dan de parasol onder, ze was sterk…) Zo zagen mijn eerste dagen eruit. Ondertussen ook afgesproken met Mieke, de Vlaamse jongedame die ik in januari ontmoet heb en die samen met haar mama House Jane uitbaat in Siem Reap. De laatste drie dagen van mijn verblijf in Siem Reap heb ik in één van hun mooie kamers gespendeerd. Maar zover was het nog niet. Mieke had in januari al aangegeven dat ze geïnteresseerd was in Qigong en na wat meer uitleg heeft ze besloten om ervoor te gaan. Zes sessies hebben we samen gedaan gedurende mijn 2 weken in Siem Reap. Zo fijn om te zien dat haar houding er enorm op verbeterde, dat de pijn in haar maag verminderde en dat ze er duidelijk van genoot. Het sterkt me in mijn overtuiging dat Qigong echt iets is dat iedereen kan gebruiken. De eerlijkheid gebied me te zeggen dat de resultaten op zo’n korte tijd enkel mogelijk waren doordat Mieke de oefeningen ook deed op de dagen dat we geen sessie samen hadden. We hebben afgesproken om eind juli samen verder te werken. De tijd tussenin kan zij gebruiken om verder te blijven oefenen.

In de tijd tussen onze Qigong sessies ben ik van hotel veranderd, terug naar het hotel waar Ken werkt en waar ik met ons ma en pa gelogeerd had. Iedereen tevreden houden 😉 In diezelfde tussentijd heb ik een Amerikaanse jongedame ontmoet die nog snel 2 sessies Qigong heeft gevolgd voor ze verder reisde en ben ik naar Din zijn trouwfeest geweest. Het was een heel geregel om daar te geraken. Het feest ging door in een dorpje op anderhalf uur rijden van Siem Reap. Eerst zou ik met Ken meekunnen maar dat lukte uiteindelijk toch niet. Dan zou een vriend van Din me zaterdag namiddag oppikken en zou ik een nacht op de boerenbuiten verblijven. Maar dat is uiteindelijk ook niet doorgegaan. Het was zondagochtend 8 uur toen diezelfde vriend me aan het hotel kwam ophalen. De anderhalf uur durende rit op een kaarsrechte weg door eindeloze vlakten enkel onderbroken door een verdwaalde palmboom, was gevuld met aangename conversaties, de autoradio speelde ballads uit mijn jeugdjaren die Peter (echte naam zo goed als onuitspreekbaar…) één voor één scheen te kennen. Aangekomen op de plaats waar het allemaal stond te gebeuren bleken we heel vroeg te zijn maar net te laat om de “haarknippen ceremonie” mee te maken. Voor zover ik het begrepen heb bestaat een Cambodiaans trouwfeest uit drie dagen en nachten feest met allerlei ceremonies die een betekenis hebben afkomstig uit het tijdperk van Angkor. De meeste gasten (net zoals wij) komen echter alleen voor het laatste deel, de lunch. Maar omdat het nog meer dan een uur zou duren vooraleer die gasten aankwamen, heeft Din me rondgeleid en me een kijkje gegund achter de schermen waar de bruid en de bruidsmeisjes in hun outfits werden gehesen. De bruid heeft op de 5-tal uurtjes die ik daar was, drie of vier verschillende outfits gedragen. Elke outfit weegt minstens 5kg. De stoffen zwaar van de broderie, de juwelen en de make-up overdadig. En dat in temperaturen van boven de 35°C! De lunch bestond uit verschillende schotels en natuurlijk de Khmer barbecue. Eens het bier begon te stromen durfden mijn tafelgenoten (allemaal mannen…) me aanspreken en was het niet alleen Khmer dat er gesproken werd. Ergens halverwege werd ik door een lachende dame van de naburige tafel bij de hand genomen om te gaan dansen. In de ronde en proberen die ingewikkelde handbewegingen na te doen. Zweten zanne! En dan was het opeens tijd om naar huis te gaan. Nog wat laatste foto’s en hupla de auto in. Onderweg nog even moeten stoppen om een andere gast zijn maag te laten binnenste buiten keren… tja zoveel drinken, op zo’n korte tijd in zo’n hitte… De foto’s van dit gebeuren vind je hier.

Mijn laatste avond in Siem Reap was de eerste van het Khmer nieuwjaar. Ze beginnen al even gek met water te doen als in Chiang Mai. Het enige verschil is dat ze nog wat talkpoeder erbij doen… Ik ben redelijk droog in Asana Old Wooden House geraakt. Terug was een ander verhaal getuige de foto hiernaast…

En daarmee was het tijd om in te pakken en verder te trekken naar Bali, voor mijn 5de Qigong retreat.

Veel liefs
Ils

Japan deel 3: Kyoto en Nara

Standaard

Zoals in vorige post uitgelegd heeft het tot dag 3 in Kyoto geduurd eer we een degelijke verblijfplaats gevonden hadden. Toen dat van de baan was, kon Kyoto ontdekt worden. Het is een grote stad en je moet het openbaar vervoer nemen om de verschillende bezienswaardigheden te bezoeken. Iedereen doet het zo dus die bussen zitten altijd eivol. Eén bezoek per dag was meer dan genoeg. En de dagen dat het regende, heb ik mezelf opgekruld in de zetel met mijn kindle. Perfecte tijd om nog wat te lezen…

De foto’s van de tempels en de schrijnen vind je hier en geven een impressie van het culturele erfgoed van Kyoto. Ze spreken voor zich, veel uitleg hoeft daar niet bij. Wat ik nog wel met jullie wil delen is een ander ritueel. Eentje dat zijn nut had. Het ritueel van thee te zetten. In Japan zijn ze zot van Matcha Green tea. Het is een tea die groen ziet als gras en er ook naar smaakt. Ik heb het een aantal keren geprobeerd maar meer dan een slokje kreeg ik echt niet binnen. Maar daarover gaat dit ritueel niet. Dit gaat over een ander soort tea. Eentje die wel lekker was. Als je het ritueel volgde tenminste… En dat gaat zo: Je krijgt naast een schotel met twee theekopjes, waarvan eentje de thee bevat, en een theepotje een ketel met kokend water voor je. Eerst doe je de thee in de theepot waardoor je nu twee lege theekopjes hebt. Eentje daarvan houdt je op een bepaalde manier vast (zoniet verbrand je je vingers, ik spreek uit ondervinding…) en vul je voor 80% met kokend water. Dat water kieper je in het tweede theekopje. Door deze handeling is het water geen 100°C meer maar nog slechts 80°C. De ideale temperatuur om thee te brouwen. Dus vanuit het tweede theekopje breng je het water in de theepot. Je laat het exact (!) 50 sec brouwen en giet het dan tot de laatste druppel uit in één van de bovengenoemde theekopjes. En als ik zeg tot de laatste druppel, bedoel ik echt tot de laatste druppel. Het vraagt wat geduld… De tweede en de volgende keren doe je hetzelfde zonder de 50 sec brouwen. Natuurlijk had ik de derde keer niet meer het geduld om het echt tot de laatste druppel te laten uitdruppen en dat heb ik geweten. De vierde brouwing was afschuwelijk van smaak… Zo bitter! Vandaar het gehamer op “tot de laatste druppel” hihi.

Bij de thee krijg je altijd een theesnoepje geserveerd. Opnieuw te eten op een opgelegde manier. Je snijdt het met het bijhorende mesje in partjes. Prikt één van de partjes aan het punt van het mesje en let erop dat je lippen het mesje niet aanraken terwijl je het in je mond steekt… Maar ik wilde het eigenlijk hebben over het maken van die snoepjes. In bepaalde shops zijn ze daarin gespecialiseerd en worden ze vers voor je klaargemaakt terwijl je wacht. Het is een echte kunst! Mooi! En lekker!

De laatste twee dagen van de Japan trip hebben we gespendeerd in Nara. Nara is een klein, gezellig stadje. Veel aangenamer dan Kyoto in mijn ogen. Ik was blij met deze afsluiter. Japan is echt geen land voor mij. Te verstikkend met al zijn rituelen, zijn ultraproperheid, zijn ultrabeleefdheid,… Ik was dan ook blij om in het park in Nara herten te zien loslopen tussen de bomen en de tempels. Te zien dat men de natuur zijn gang liet gaan en niet alle stupas in goede staat probeerde te houden. Wat een verademing!

Veel liefs
Ils

Japan deel 2: Odawara en Hakone

Standaard

Vanuit Kamakura ging het richting Hakone. Hakone is gekend voor zijn natuurlijke warmwaterbronnen, in het Japans “onsen” genoemd en zijn tuinen. Maar voor we daar arriveerden, werd er eerst een tussenstop gemaakt in Odawara waar we Kathy haar nicht Christina zouden ontmoeten. En omdat Odawara een groot kasteel heeft in het midden van de stad konden we dat niet links laten liggen. Na die bezichtiging was het tijd om de bus te nemen naar Hakone. Een kronkelende rit door een mooi, bergachtig landschap dat een verrassing in petto had de volgende ochtend. Sneeuw!!! Gelukkig zijn die bronnen echt wel warm… maar veel tuin hebben we niet gezien… De onsen was een ervaring op zich. In je kamer doe je de voorziene kimono aan en dan ga je naar de kleedkamer van het badgedeelte waar je je ontdoet van al je kleren. Je gaat de badruimte binnen waar er een aantal douches zijn (met spiegels…) en waar je je eerst 2x afschrobt met zeep en je jezelf afspoelt vooraleer je in het bad gaat. Je blijft een tiental minuten in het bad of tot je het te warm krijgt en dan kan je buiten in openlucht het zelfde doen. Door de mineralen in het water wordt je huid superzacht en wordt je er ongelooflijk slaperig van. Een dutje gedaan en dan op weg om iets te gaan eten. Eindelijk voor de eerste keer in 6 dagen iets gegeten dat me echt smaakte en waar de groenten niet op één hand te tellen waren. Nog een laatste keer de onsen in en dan op weg naar Kyoto waar ik de rest van mijn tijd in Japan zou blijven.

De rit met de shinkansen (of hogesnelheidstrein) bracht ons in 3 uur naar Kyoto. We dachten ons daar te settelen maar Kyoto had blijkbaar andere plannen met ons. Toen we aankwamen in het appartement dat Kathy geregeld had, bleek het superklein, oud, vuil en koud te zijn. Op de koop toe bleek er niet genoeg beddegoed te zijn voor twee personen. Gelukkig voor ons waren de andere deuren open en bleek er niemand te wonen. Van de nood een deugd gemaakt en een ander appartement dat min of meer in orde was aangeslagen… De eigenaar verwittigd maar die zei ons dat we in onze keuze niet konden blijven omdat er de volgende dag iemand zou inkomen. En de andere appartementen vonden we maar niks. Ik was heel het gedoe beu en vond één nacht bibberen genoeg. Ik heb me, bij gebrek aan beter, een capsule hotel geboekt. Omdat het het laatste vrije hokje was, was het “maar” 42$ ipv de normale 85$. Eerlijk toegegeven, ik heb die nacht goed geslapen. Zelfs met 40 capsules op een verdieping was het er rustig. Maar misschien had de sauna in het bijhorende publieke bad daar iets mee te maken. Lekker opgewarmd voor het slapengaan. Ondertussen had Kathy niet stilgezeten en had ze iets anders gevonden waar we de volgende 9 nachten konden blijven. Een huis waarvan de kamers werden verhuurd. Kleine kamer maar netjes en warm! En de living en de keuken konden we naar believen gebruiken. Eens daar onze spullen gedropt kon de zoektocht beginnen naar iets voor de laatste 2 dagen… De uitnodiging om te komen eten bij vrienden van Kathy kwam net op tijd. Het verzette onze gedachten en de dame bleek een uitstekende kok te zijn.

Volgende keer meer over Kyoto en Nara
Veel liefs
Ils

Foto’s vind je hier

Japan deel 1: Kamakura

Standaard

Na twee vluchten, eentje van een uurtje tot in KL en eentje van 7 uur tot in Tokyo, belandde ik in een totaal andere wereld. Eentje waar ik me met geen mogelijkheid op had kunnen voorbereiden. En alhoewel Kathy me in KL, waar we elkaar aan de gate terugvonden, wel 100 keer gezegd had dat Japan heel anders is dan Zuid-Oost Azië, had ik geen idee van hoe anders. Het eerste contact met de Japanse cultuur waren de toiletten in de luchthaven. Ik heb zo’n spijt dat ik daar geen foto van genomen heb… (de foto hiernaast is er eentje van een minder uitgebreid exemplaar) Maar ik was zo overdonderd door de hoeveelheid knopjes dat het niet eens bij me opgekomen is. Alles volledig automatisch: een knopje voor het aan- en uitzetten van de waterstraal die je achterste reinigt. Wil je liever een straal of een douche op je kont? Maak je keuze. De hoek van de straal net niet naar je goesting? Opgelost met een paar drukken op weer een ander knopje. WC-papier? Niet nodig hier. Druk op een knopje en lekkere warme lucht doet zijn werk. En natuurlijk kon je daar de temperatuur van aanpassen. Een beetje verlegen? Zet een muziekje van een kabbelend beekje op terwijl je doet wat je normaal bij een toiletbezoek doet… Oh en dan ben ik de verwarmde toiletbril nog vergeten… Ik moet toegeven dat ik daar heel snel aan gewoon was bij temperaturen van rond de 5°C… 😀 Komende van 35°C hebben die koude temperaturen me nog het meeste aanpassingsproblemen gegeven…

Na een kort nachtje in Tokyo, hebben we de volgende morgen de trein genomen naar Kamakura. En dat was al de eerste keer dat ik blij was dat Kathy bij me was want hoe ik alleen aan dat ticketje had moeten geraken… ???? Je moet je eindstation op een grote kaart zoeken. Daarbij staat dan de prijs die je ticketje kost. Dat bedrag moet je aan een automaat geven die je ticketje uitspuwt. Op zich niet zo moeilijk ware het niet dat alle tekst enkel in het Japanse schrift opgesteld is… Dankzij Kathy zijn we zonder veel problemen in het hotel/guesthouse in Kamakura aangekomen (Ook de taxichauffeurs spreken geen Engels…) Ons kamertje voor 4 nachten was een gangetje met een stapelbed. 7m² voor 66€ per nacht! Gelukkig konden we de keuken en de living gebruiken… Ingecheckt en een frisse neus gaan halen op het strand waarna het meisje dat ons ingecheckt had ons heeft meegenomen naar een herdenkingsdienst voor de slachtoffers van de Tsunami. Met zijn drieën de fiets op en naar de tempel gefietst waar de herdenkingsdienst gehouden werd om daarna in een restaurant soba noedels te gaan eten. Soba noedels worden gemaakt van boekweit en hebben een grovere consistentie dan rijst- of eiernoedels. En natuurlijk een andere smaak, die me na een bepaalde hoeveelheid tegenstak.

’s Anderendaags de bekendste tempel van Kamakura bezocht. Hasedera tempel. Als er één tempel is in Japan die indruk op me gemaakt heeft, is het deze. De sfeer die er hing was aangenaam (niet zo somber als in de andere tempels…), de tuinen er rond waren mooi (maar er waren spijtig genoeg nog niet veel bloesems te zien door de uitzonderlijk koude lange winter…, doeme toch), de grot met vrouwelijke boeddha’s was speciaal. Wat we daar ook gedaan hebben is sutra copy. Je krijgt een blad papier met daarop een boeddhistische sutra (of vers) gedrukt in Chinese karakters. Al wat je moet doen is die karakters ‘inkleuren’. En natuurlijk volg je daar, zoals bij ongeveer alles in Japan, een bepaalde ritueel voor. Je neemt twee theelepeltjes water, druppelt die op een inktsteen, neemt de inktstok en wrijft daarmee door het water over de inktsteen. Afhankelijk van hoelang en hoe hard je wrijft, krijg je een lichtgrijze of donkerzwarte inkt. Dan neem je een “borstelpen”, dop je die in de inkt en kan je beginnen. Van rechts naar links en van boven naar onder… Mijn korte sutra van zo’n 30 karakters heeft me toch wel een uur zoet gehouden. Als je klaar bent, schrijf je je naam, de datum en een wens naast de sutra en laat je hem achter bij de Boeddha. Eens per jaar worden al die geschriften geofferd en komt je wens uit. Hopelijk. En dat alles in complete stilte. Ik heb echt genoten van het proces van leren ‘schrijven’ met een “verfborstel”… Voor de eerste keer vond ik dat het helemaal niet slecht ging. Kathy heeft ons daarna nog getrakteerd op typische zoetigheden die bij de theeceremonie genuttigd worden. Alweer met niets te vergelijken qua smaak. Dat groene dingske was lekkerder dan het roze dingske. Vraag me niet wat erin zat, ik heb geen idee.

Dag drie hadden we afgesproken in Kita-Kamakura met Misato, één van onze Japanse Qigong studenten, die net ook deze periode in Japan was. We zouden elkaar in een bepaalde tempel op een bepaald uur ontmoeten maar hebben elkaar net misgelopen (en dat in deze tijden van internet communicatie… Alweer iets dat niet evident is in Japan, prepaid simkaarten zijn een uitzondering, de anderen zijn direkt met een abonnement voor 2 jaar) Later hebben we elkaar dan toch teruggevonden in een koffieshop. Leve free wifi! In de tussentijd hebben Kathy en ik het geluk gehad om in bovengenoemde tempel een man te zien boogschieten, op de traditionele manier, in traditionele klederdracht. Fascinerend. Toch kon ik niet voorbij aan de somberte die in de tempel hing. De Zen boeddhistische tempels zijn heel eentonig: zwart en wit… Sommigen noemen het ingetogen, voor mij voelde het eerder bedrukt aan. Kwam het door de koude? Doordat ik de levendige kleuren van de Thaise tempels gewoon ben?

De laatste dag in Kamakura ben ik er op mijn eentje uitgetrokken. Kathy was moe en wilde thuisblijven. Ik heb de fiets genomen en de Daibutsu bezocht. Het is een grote koperen Boeddha waar je ook de binnenkant van kan gaan bewonderen. Je staat dus met andere woorden binnen in een groot koperen beeld… Wonderbaarlijk, niet? Van de koperen Boeddha naar een Shinto Schrijn. Shinto is een ander soort religie waar men gelooft dat alles, letterlijk alles (boom, steen, aarde,…) een geest heeft die erin huist en die je maar beter respecteert. De meeste Shinto Schrijnen zijn veel kleurrijker dan de tempels en in mijn ogen leuker. Er zijn geen beelden van een godheid, enkel een spiegel. Die vraagt je om eens goed naar jezelf te kijken. Hoe puur ben jij? Wat kan er in jou verbeterd worden? Om dat te doen, gooi je wat muntjes in de offerblokken, buigt twee keer, klapt twee keer in je handen, houdt diezelfde handen voor je borstkas terwijl je je gebed zegt of je wens doet en buigt dan nog een keer (jaja, die rituelen…) Oh ja en vooraleer je een tempel of schrijn binnengaat moet je ook nog even je handen wassen. En alweer dat ritueel: je neemt de schepstok, schept water uit de wasbak kiepert een deel over je rechterhand terwijl je ervoor zorgt dat je handen zeker buiten de wasbak hangen, kiepert een ander deel over je linkerhand, neemt het laatste deel in je rechterhand waarmee je je mond reinigt. Daarna neem je opnieuw water en houdt je de schepstok zo dat het water eruit loopt over de steel zodat die ook proper is en door de volgende kan gebruikt worden. Goed dat ik Kathy had om het me uit te leggen, ik zou daar nogal een figuur geslagen hebben op mijn eentje 🙂

En daarmee kon ik Kamakura achter me laten. Volgende keer meer over een kasteel en sneeuw in Hakone.

Veel liefs
Ils

Foto’s vind je hier

Penang: een mooie start van 2 maanden reizen

Standaard

Ik schrijf dit tekstje en selecteer de bijhorende foto’s terwijl ik in KL wacht op mijn vlucht terug naar Chiang Mai. Meer dan twaalf uur heb ik daarvoor… Meer dan twaalf uur om de laatste twee maanden te overlopen. Sommige dagen leken eeuwen te duren maar als ik terug kijkt, lijkt het alsof ik gisteren vertrokken ben. De spreuk “de dagen duren lang, de jaren zijn kort” uit het boek “het geluksproject” komt me voor de geest. Dit is exact wat ik voel. Laat me beginnen bij het begin van wat een heel interessante tijd is geweest.

Dat begin is vrijdagochtend 3 maart om 7u ’s ochtends. Met de slaap nog in mijn ogen stapte ik de taxi in die me naar de luchthaven bracht. Met twee rugzakken, eentje van 17kg en eentje van 5kg had ik de moed niet om de bus te nemen. 17 kg? Hoe kom je daar aan? Awel hé, voor een week Penang heb je shorts en t-shirts nodig, voor drie weken Japan heb je een dikke jas, lange broeken en fleece truien nodig, voor twee weken Cambodja en een trouwfeest heb je kleedjes voor nodig, voor een week qigong retreat heb je sportbroeken en witte t-shirts nodig… Dan nog een laptop, een telefoon, een kindle, een fototoestel en alle bekabeling… Zo gepakt en gezakt ben ik die vrijdagochtend vertrokken

En twaalf uur later in het hotel in Penang, Maleisië aangekomen. Het was een lange dag en ik was uitgehongerd. Daarom het eerste het beste eettentje binnengestapt waar ze chapati maakten terwijl je wachtte en de rest mocht je uit grote potten kiezen. De daarop volgende avondwandeling was van zeer korte duur. Op het hoekje was een een tempel waar ik mijn neus eens binnengestoken heb. Omdat die neus er een beetje verloren bij stond, werd ze aangesproken door een vriendelijke man die me uitgelegd heeft wat er aan de gang was. De tempel was gewijd aan de Indische Godheid Kahlee Ama. Zij houdt je op het goede pad en volgens vriendelijke man was het een goed voorteken dat ik de tempel was binnen gekomen. De ceremonie die er aan de gang was, fascineerde me. Vriendelijke man heeft me uitgelegd dat het een manier was om de Godin om hulp te vragen. Zoals wij een kaarsje zouden branden voor Moeder Maria, alleen ietsje uitgebreider. Ik moest een papiertje kopen voor anderhalve ringit (zo’n 25€-cent) wat ik aan de priester moest geven, die mijn naam ging vragen en voor me zou bidden. “Baadt het niet dan schaadt het niet” dacht ik dus heb ik zijn advies maar opgevolgd. Papiertje afgegeven, handen aan de schaal gehouden terwijl de priester iets onverstaanbaars brabbelde, dan ging hij met die schaal nog wat vanalles doen rond het beeld van de godheid waarna iedereen een lepeltje water in zijn/haar hand kreeg. Dit moest je opslurpen en de rest in je haar wrijven. Als laatste nog een mooie rode stip op mijn voorhoofd waarna vriendelijke man me nog een toertje heeft laten maken rond het heiligdom. En als kers op de taart heb ik van vriendelijke man zijn vrienden nog een heel vegetarisch diner in mijn handen gestopt gekregen. Wat een mooie afsluiter van de eerste dag!

Maar de reden waarom ik naar Penang gegaan ben, was niet om de toerist uit te hangen maar om opnieuw een visa voor Thailand aan te vragen. En als ik ondertussen wat toeristische attracties kon meenemen was dat een mooi extraatje. Dat visa bleek een beetje meer voeten in de aarde te hebben dan de andere keren. Ik had alles netje voorbereid, formulieren ingevuld, pasfoto’s erbij, de hele rimmeram. Bleek de procedure toch wel net die maand veranderd te zijn zeker. Mevrouw achter het loket van de Thaise Ambassade moest bewijs hebben van een vliegtuigticket weg uit Thailand. Euh… dat heb ik niet. Een reservatie in een hotel was ook goed. Euh… Dat heb ik ook niet, ik verblijf in een appartement. Of ik een huurcontract had? Ja, maar niet bij me. Dat is nu niet direkt iets dat ik mee op vakantie neem… Sorry miss, een reservatie of geen visa. Oh fuck it! Gelukkig had ik me een simkaart met internet aangeschaft en kon ik een boeking maken (die ik later kon annuleren). Moest die bevestiging ook nog eens uitgeprint worden! WAT??? Natuurlijk was er één of andere slimmerik die dat voorzien had en zijn auto met printer in de koffer geparkeerd had voor de ambassade en 2,5€ vroeg voor 1 blad… En omdat je geen andere keuze hebt, betaal je dat… Compleet gefrustreerd de bus opgestapt en bij de eerste de beste glimp van strand op het belletje gedrukt om me eruit te laten. Moet het toch wel lukken dat het net aan de drijvende moskee was zeker. Geen mens op het strand maar het zou van weinig respect getuigen om daar in mijn bikini te gaan liggen. Een beetje verder waren er echter wat uitstekende rotsen waar ik rond kon en de achterliggende baai was ook compleet verlaten. Een uurtje of twee gerelaxed en net op tijd terug gegaan vooraleer het stijgende water de rotsen bereikte. En de volgende dag was er een nieuw visa in mijn paspoort geplakt. Oef!

Eén van de toeristische attracties die ik meegenomen heb, was Kek Lok Si tempel, een grote boeddhistische tempel met zowel Chinese, Thaise als Burmese invloeden. Het 32m hoge beeld van Kuan Yin waar je met een speciale lift naar toe moest, was impressionant. Een andere attractie was Penang Hill, een soort park in het regenwoud (vergelijk het met het Prinsenpark in Retie…) waar ik apen van de ene boom naar de andere heb zien springen. Cool! Naast de meer actieve bezoeken waren er ook nog de passieve bezoeken. Een volledige lichaamsmassage, een voetreflexologie behandeling en een oorkaarsen behandeling. Die oorkaarsen, daar ben ik al drie jaar nieuwsgierig naar maar in Thailand kon ik dat niet vinden. Dus toen ik het in een foldertje, dat ik in mijn handen kreeg geduwd, tegenkwam kon ik het niet laten. Het zou een behandeling zijn om de wax op een natuurlijke manier uit je oren te verwijderen. Door de hete luchtcirculatie smelt die en wordt ze opgenomen in de katoenen doek waarvan de oorkaarsen zijn gemaakt. Ik weet echt niet of het gewerkt heeft. Het voelde niet warm aan, het knetterde een beetje. Dat was alles… De rest van de tijd heb ik wat rondgelopen in Georgetown, gelezen en veel geslapen! Ik had het blijkbaar nodig. En daarmee was het tijd om verder te trekken naar Japan. Foto’s van Penang vind je hier.

Ondertussen zijn er 5 uur gepasseerd en is de avond gevallen in de luchthaven van KL. Mijn ogen zijn moe van de hele tijd naar dit scherm te staren. Toch ben ik content dat ik dit avontuur met jullie kan delen. En hoewel ik op weg ben naar wat ik nu thuis noem, is een volgende trip niet ver uit mijn gedachten. Het Belgische thuisfront wacht geduldig tot ik in augustus weer eventjes op bezoek kom. Wat een geluksvogel ben ik toch, dat ik dit alles kan en mag beleven… 😍

Veel liefs
Ils

Reisplannen

Standaard

Amai, het is weeral bijna twee maanden geleden dat ik nog eens iets geschreven heb. Ja, sorry mensen, al de posts die jullie de laatste weken gelezen hebben, heb ik netjes geschreven tijdens mijn vakantie in Siem Reap. Ik hoefde ze alleen nog maar een beetje aan te passen net voor publicatie… De eerste twee weken thuis was ik trouwens niet echt in staat om iets degelijks op papier te krijgen. Een kop vol snot dat er afhankelijk van de goesting uit liep alsof het ergens dringend moest zijn of met geen stokken in beweging te krijgen was. Ik moet er geen tekeningske bij maken hé 🙂 Er was nochtans fijn nieuws mijn kant op gekomen. Mijn broer en zijn vriendin zijn opnieuw zwanger. De aankomst van het tweede kindje is gepland in augustus en ik kom ook even België goeie dag zeggen in augustus. Ze hebben dat goed getimed! 😀 Ander leuk nieuws is dat ik naar een trouwfeest mag in Cambodja. Dat was een beetje onverwacht omdat ik met Din twee weken eerder nog iets was gaan eten. Hij was het even vergeten te vermelden… Misschien zit het feit dat het een gearrangeerd huwelijk is daar wel voor iets tussen. Brrr, kan je het je voorstellen, 26 en 24 en moeten trouwen met iemand die je ouders voor je hebben uitgekozen… Zij liever dan ik…Maar dat maakt wel dat ik in april opnieuw in Cambodja ga zijn. Sticker nr 5 in mijn paspoort…

Er zullen nog wat andere stempels bijkomen want vrijdag start mijn twee maanden trip. Ik had eigenlijk vorig jaar al besloten dat ik maart en april niet in Chiang Mai wilde doorbrengen omwille van de luchtvervuiling. In de omliggende dorpen branden ze hun velden af en omdat Chiang Mai in een kom ligt blijft de rook hier hangen. Niet echt gezond. Maar waar naartoe? Kathy kwam met de oplossing. Zij gaat terug naar Japan (ze heeft daar 20 jaar gewoond en Engels gegeven) en heeft me uitgenodigd om mee te gaan. Nu, ik had er niet aan gedacht dat het daar nog serieus koud gaat zijn… Niet warmer dan 15°C overdag… Hier in Chiang Mai is het ’s nachts nog zo koud niet! Dan blijf je uit België weg vanwege de koude en ga je maar naar Japan om het daar mee te maken… Maar vooraleer ik de koude induik ga ik eerst naar Penang, Maleisië om een nieuw Thais visa aan te vragen en hopelijk ook te krijgen. Het schijnt dat het daar vrij vlot gaat, we zullen zien. Na Japan staat Cambodja en Bali op het programma. Sommige vluchten nog te boeken…

Ondertussen zijn hier de weekcursussen afgelopen. SayGin heeft een superjob gedaan waardoor ik wat meer op de achtergrond ben gebleven en geobserveerd heb. Ik hou zowiezo niet zo van de drukte die er tijdens deze periode heerst. Met soms tot 15 mensen in de ruimte vind ik echt teveel. Het maakt dat ik enorm moe thuis kom. En ik ben blijkbaar niet de enige die er last van heeft. Verkoudheden bij de vleet…Ieder om beurt… Een welkome afwisseling was dan ook het bloemenfestival. Zelfs voor de derde keer blijft het impressionant. De tijd die ze in die wagens insteken… Niet alleen met het prikken van alle bloemen maar er wordt ook gebruik gemaakt van sesamzaadjes en bonen als bekleding! Daarnaast zie je uitgesneden fruit en groenten. Een impressie van dit jaar vind je hieronder.

Veel liefs
Ils